dinsdag 13 februari 2024

Cementrustiek met een paddenstoel

Door de modder worstelen we ons een weg door een deel van het, ondanks het regelmatige vandalisme, leuke en hybride Kabouterbos van het landgoed Moermond in Renesse, Schouwen-Duiveland. Dat ‘bos in een bos’ begint bij en rondom Slot Moermond en loopt door tot de ingangspartij van de Laone. We zijn op zoek naar het ‘betonnen’ tuinhuisje uit ongeveer 1905, toen beton als bouwmateriaal grote opgang maakte en als cementrustiek ook in de tuinarchitectuur meer en meer werd toegepast.


Het tuinhuisje nu, als deel van
het Kabouterbos (foto HMD Dekker)
Het huisje staat inderdaad ongeveer waar ik ‘t me herinner. Het verkeert anno 2024 in vrij haveloze staat, het modderige pad ernaartoe wordt hier en daar ook nog overwoekerd door doornige rozenstruiken en/of bramen. Het past wel in de sprookjessfeer die men hier probeert op te roepen. Blijkens foto’s van een vorig bezoek (in 2011) is het pad nu veel smaller; het wordt niet meer met pulp bestrooid, de bomen en bosschages eromheen zijn hoger, groter en verder opgerukt. Voorbij het tuinhuisje wordt het pad iets begaanbaarder.

Belaagd

De nieuwe opmars van het beton hing samen met de introductie van het gewapend beton – ijzeren netwerken in structuren van beton. Omstreeks 1880 kwam gewapend beton naar Nederland, waarna dit materiaal geleidelijk aan steeds meer werd gebruikt voor de constructie van bruggen, fabriekshallen, silo’s, koeltorens en watertorens. ‘Cementrustieke’ bouwsels doken in de tuinarchitectuur eveneens op tegen het eind van de negentiende eeuw. Ze werden opgebouwd met een ijzeren of stalen frame en cementmortel, een techniek die veel overeenkomsten vertoont met gewapend beton.


...en in 2011 (foto HMD Dekker)
Het aardige tuinhuisje van Moermond is in de loop van ruim een decennium sterk vervallen. Het hutje vertoont scheuren en graffiti (met een paddenstoel, dat dan weer wel). Het wordt belaagd door bomen en struikgewas. Fletcher Landgoed Hotel Renesse, dat het landgoed, het slot en de oranjerie uitbaat, pleegt zeer duidelijk geen onderhoud aan dit jonge monumentje. Ik geef het nog hooguit tien jaar. Op het web is er ook weinig meer over te vinden, het in 2011 al vrijwel onleesbare informatiebord is weggehaald.

Moermond is ook één van de 111 plekken in Zeeland die je gezien moet hebben.  Onlangs verscheen daarvan de derde druk. We besteden in het desbetreffende hoofdstuk vooral veel aandacht aan het kasteel met zijn meer dan zevenhonderdjarige historie, het landgoed als beschermd natuurgebied en zelfs het Kabouterbos. 

Hopelijk wordt men bij Moermond wakker als Doornroosje uit het sprookje, en wordt het huisje alsnog gered en hersteld in oorspronkelijke staat.

***


Prijs€ 17,95
TaalNederlands
BindwijzePaperback
Formaat13,5 x 20 cm
Omvang240 pagina’s
Illustraties120 illustraties in kleur
VerschenenNovember 2023 (3e herz. druk)
ISBN9789068686807

Het halfverscholen huisje anno 2024
(foto HMD Dekker)




zaterdag 3 februari 2024

De valsheid van trompetten

Een linnen hemd met een kogelgat. Een pistoolkogel en twee stukjes bot. Vier getuigen van het einde van de Friese stadhouder Hendrik Casimir in 1640. Zeeuwse aanschouwers van deze objecten uit de expositie ‘80 Jaar Oorlog. De geboorte van Nederland’ in het Rijksmuseum in Amsterdam (oktober 2018 - januari 2019) werden er misschien extra door geraakt. 

Want Hendrik Casimir sneuvelde in het huidige Zeeuws-Vlaanderen, tijdens een van de mislukte pogingen om de Spanjaarden uit Hulst te verjagen. Dat lukte pas in 1645, als laatste grote overwinning van ‘stedendwinger’ Frederik Hendrik in de Tachtigjarige Oorlog, die drie jaar later amechtig zou eindigen.

Pistoolkogel

Hemd van Hendrik Casimir (bovenkant links)
met kogelgat (foto H.M.D. Dekker).
Hendrik Casimir van Nassau-Dietz ontmoette zijn doem op die fatale 4de juli 1640 bij Fort Nassau, gelegen ten noordwesten van Hulst bij een knik in de Havikdijk. Een pistoolkogel raakte hem in zijn onderrug. Verlamd viel hij van zijn paard; na een lijdensweg van acht dagen gaf hij de geest in Fort Sint-Anna in de Polder van Namen, nu een deel van het Verdronken Land van Saeftinghe. Hij was 28 jaar oud. Zijn lichaam werd overgebracht naar Leeuwarden. De vier voorwerpen die zijn einde markeerden, zijn altijd door zijn familie bewaard.

 Kakofonie

De ondertitel van de expositie in het Rijksmuseum luidde: ‘Verhalen over wapengekletter en tactische meesterzetten’. Enkele dagen vóór zijn ongeluk was Hendrik Casimir nog het slachtoffer geworden van zo’n krijgslist. Een Spaanse in dit geval. Hij bevond zich bij de door de Spanjaarden bemande Linie van Communicatie ten oosten van Hulst. 

Hendriks voornemen om de Linie aan te vallen ging niet door. De Spanjaarden hadden langs de linie namelijk trompetters opgesteld, die allemaal een andere melodie bliezen. 

Hendrik Casimir 
Wybrand de Geest)
Hendrik Casimir beluisterde de kakofonie en trok de conclusie dat alle trompetten bij een afzonderlijk legeronderdeel hoorden. Een overmacht! Hij gaf het bevel om terug te trekken. 

Vervolgens deden de Staatse troepen een aanval op andere forten rondom Hulst, waarbij hij omkwam. Het centrum van dit tragische gebeuren, Fort Nassau, speelde nog een rol bij de verovering van Hulst in 1645, maar is in 1672 vernield bij een inundatie gericht tegen nieuwe vijanden: de Fransen. De Liniedijk ten noordoosten van Hulst bleef beter bewaard, met onder meer overblijfselen van de forten Moerschans, De Rape en Zandberg. Een vredig wandelgebied, waar vogelgeluiden allang de plaats in hebben genomen van de luidruchtige misleiding door Spaanse trompetten.

Bron: Jan J.B. Kuipers, 'Pistoolkogel'. Sporen in de delta, Provinciale Zeeuwse Courant 30 mei 2019


***

Lees ook:

De Staats-Spaanse Linies 

Monumenten van conflict en cultuur 

De latere zestiende eeuw is een tijd van oproer en oorlog, waarin ook de Staats-Spaanse Linies ontstaan. Dit complex van forten, schansen, linies en vestingstadjes telt zo’n 450 objecten in een gebied van 80 bij 40 kilometer aan weerszijden van de landsgrens tussen Knokke en Antwerpen. Scheppers zijn de Spaanse, de ‘Staatse’ en de Franse militaire apparaten gedurende de Tachtigjarige Oorlog (1568-1648) tot de Spaanse Successieoorlog (1701-1714) – latere aanpassingen niet meegerekend. Sommige elementen spelen nog een rol in de Tweede Wereldoorlog. De Staats-Spaanse Linies plaatst de Linies in de historische en krijgshistorische context.


woensdag 24 januari 2024

Twee internationale scholen voor wijsbegeerte

Eén ervan overleefde in Leusden


We verbleven in kamer 416, zoals alle hotelkamers hier gewijd aan een filosoof. In dit geval Jean-Jacques Rousseau. Boven het bed hing een citaat van Nietzsche: ‘Overtuigingen zijn  gevangenissen’. Dit paste prima bij de geest die door Dwepers en dromers. Tegenculturen in Nederland 1890-1940 waait, mijn boek waarvoor ik hier een podcast ging maken met Bart Geeraedts.


Het hotel is onderdeel van de ISVW, ofwel De Internationale School voor Wijsbegeerte. Het is een instelling zonder winstoogmerk, met als doel de bevordering van de filosofie. Zij biedt opleidingen, cursussen en trainingen aan, deels in ‘t land, deels op het eigen landgoed, waar behalve de hotelfaciliteiten met 118 kamers tien conferentiezalen en een uitgeverij zijn gevestigd. De gebouwen liggen op zes hectare grond en grenzen aan de Leusderheide.

Het nog altijd functionerende hoofdgebouw stamt uit 1916 en is ontworpen door de bekende architect K.P.C. de Bazel. Deze man was één van de vele hooggestemden uit zijn tijd; hij lanceerde in 1905 bijvoorbeeld een project om in de duinen bij Den Haag een achthoekige Wereldhoofdstad te stichten, naar een idee van P. Eykman. Net als in de latere Lichtstad van Frederik van Eeden zouden hier vele internationale organisaties worden gevestigd, op onder meer wetenschappelijk en juridisch gebied: de nieuwe kern van een wereldorde van vrede en welvaart. Het plan sneuvelde na allerlei tegenslagen definitief met de opheffing van de Stichting voor Internationalisme in 1912.

Tekst vervolgt onder afbeelding

Hoofdgebouw ISVW. Foto H.M.D. Dekker


Pantheon der Menschheid

H.P. Berlage deed in 1908 nog een poging om De Bazels Wereldhoofdstad te realiseren door deze in vereenvoudigde vorm op te nemen in zijn uitbreidingsplan voor Den Haag. Zeven jaar later ontwierp hijzelf het evenmin gerealiseerde Pantheon der Menschheid. Al deze figuren en bewegingen worden beschreven in Dwepers en dromers. Dat geldt ook voor de briljante wiskundige en mysticus L.E.J. (Bertus) Brouwer (1881-1966). Met hem, de wiskundige en filosoof Gerrit Mannoury, Jacob Israël de Haan en enkele anderen richtte Van Eeden in 1917 in Amsterdam óók een Internationaal Instituut voor Wijsbegeerte op, later Signifische Kring geheten.

Bertus Brouwer had in 1902 als student verbleven in het Blaricumse ‘naaktkamp’ van het anarchistenpaar Tjerk en Trui Luitjes. Hij had zijn belevenissen aldaar aanvankelijk niet als erg verheffend ervaren, blijkt uit een brief die hij schreef: ‘Terug uit Blaricum, bij mengeling van beide seksen in hemden op bloote voeten zwart met lange blauwe nagels, zonnebaden van naakte ruggen, en vreten van rauwe rapen, knollen en penen, en daaruit wijze onzinverkooperij, honderduit, ben ik zoo beroerd, dat ik morgen niet kom.’ Een maand of wat later is het oordeel milder, het ‘loopen op bloote voeten en in je hemd’ deed hem nu heel goed.

Tekst vervolgt onder  afbeelding
Berlage's 'Pantheon der Menschheid' (afb. uit het boek).


‘Arrogant uitvreten’

In 1905 publiceerde Brouwer Leven, kunst en mystiek. Het eerste van de negen hoofdstukken van dit pamfletachtige geschrift heet ‘De droeve wereld’ en het einde ervan roept bijna huiveringwekkend een discussie naar voren, over de dreigende vernietiging van de aarde door de mens, die pas driekwart eeuw later serieus zou opvlammen. ‘Het leven van de menschheid als geheel is een arrogant uitvreten van haar nesten over de gave aarde,’ fulmineerde Brouwer, ‘een knoeien aan haar moederend gewas, knagend, schendend, een steriel maken van haar rijke scheppings-kracht, totdat ze alle leven heeft vervreten, en om de dorre aarde dort de menschenkanker weg. De dwaasheid in hun hoofd, die dát begeleidt, en hen zelf gek maakt, noemen ze: "De wereld begrijpen”.’

Brouwer was een pure Einzelgänger met een ethisch-anarchistische inslag, die meende dat de significa, het onderzoek naar de 'betekenis van de betekenis', zich vooral moest richten op spirituele levenswaarden. Filosofische bezinning was nodig als tegenwicht voor de courante oorlogsretoriek. Staat en autoriteiten belemmerden de morele en geestelijke ontwikkeling van het individu, daarom had de significa ook tot taak om  machtswoorden als ‘vaderland’, ‘plicht’ en dergelijke uit te wissen. 

Om deze opschoning te realiseren moest er een ‘instituut voor taalbezinning’ worden opgericht. Dit leidde eerst tot een plan voor een internationale school voor wijsbegeerte. Naast figuren als Van Eeden en Brouwer was er een andere groep bij betrokken, die streefde naar ‘geestelijk eenheidsbesef’. De belangrijkste persoon hier was de theemakelaar en theosoof J.D. Reiman. Brouwers hoekige omgangsvormen en zijn radicale idee om op de nieuwe school een strikt ascetische levenswijze in te voeren zorgden ervoor dat ook hier de karakters botsten en hij mét Van Eeden het stichtingscomité verliet.

Reiman en zijn medestanders gingen door en richtten in februari 1916 daadwerkelijk de Internationale School voor Wijsbegeerte op, ‘een centrum ter verdieping van levens- en wereldbeschouwing’.

 

 ***

Misschien ook leuk:


De vlucht naar boven

Tegenculturen in Nederland in de jaren zestig en zeventig

'De mens is niet om te lijden in de wieg gelegd,' schreef Simon Vinkenoog in 1967. Het tekent de mentaliteit van de toenmalige tegencultuur, een verbijsterend palet van activisme, bewustzijnsverruiming en spiritualiteit. Onmiddellijke ontsnapping aan de knellende banden van de maatschappij was het doel: een vlucht naar boven op de vleugels van idealen of drugs, of allebei. Jan J.B. Kuipers schetst de diverse bewegingen en figuren die de jaren zestig en zeventig tekenden, en vraagt zich af in hoeverre er sprake was van iets nieuws en waar al die zogenaamde vernieuwing in uitmondde.
"Wat een tijden! Waarnaar je gaat terugverlangen door Kuipers' boek."
Mario Molegraaf in Zeeland

vrijdag 12 januari 2024

'Methoden tegen de helderheid' op DBNL

Mijn essaybundel Methoden tegen de helderheid (Liverse, 2014) is nu ook te raadplegen op de Digitale Bibliotheek voor de Nederlandse Letteren (DBNL), een digitale collectie van teksten uit de Nederlandse letterkunde, taalkunde en cultuurgeschiedenis, van de vroegste tijd tot heden. De bundel is hier in te zien.

De flaptekst van de oorspronkelijke uitgave: 

Omslag oorspr. uitgave
 "Methoden tegen de helderheid bevat essays die Jan J.B. Kuipers publiceerde in de periode 1989-2006. Een stoet van figuren uit de literatuurhistorie en ideeëngeschiedenis trekt voorbij: Frederik van Eeden Sr., Pieter Jelles Troelstra, Max Stirner, Henry David Thoreau, Robert Graves, Mary Wollstonecraft, Napoleon, Germaine de Staël, Novalis, Michaël Bakoenin, Leopold von Sacher Masoch, Yukio Mishima, Johan Huizinga, Ilja Leonard Pfeijffer en vele anderen. Bepaalde motieven en thema’s spelen een grote rol, zoals de miniatuur, de verbeelding, de historische sensatie, de jaren zestig, de vitale functie van zelfbedrog en illusie.

De titel verwijst naar de romantische ‘versluiering van de werkelijkheid’. Kuipers bestrijdt in verschillende bijdragen de negatieve connotaties hiervan. Hij volgt het spoor van ‘dubbelzinnigheid, vervloeiing en transparantie’ terug tot preklassieke mythologische noties, en breekt een lans voor de regionen van het imaginaire. Deze dienen betreden te worden met de geslepen wapens van ironie en dubbelzinnigheid; het gaat uiteindelijk om ‘liegen met open vizier: het geneeskrachtige liegen van het zelfbewustzijn, de cultuur en de kunst’."

***

Misschien ook leuk:

Dwepers en dromers
Tegenculturen in Nederland, 1890-1940
De Nederlandse samenleving veranderde razendsnel aan het eind van de negentiende eeuw. Oude, vertrouwde waarden wankelden door een stroom aan nieuwe ideeën en levensstijlen. Alles moest anders: de inrichting van de maatschappij, de omgang met het lichaam en ook religie en spiritualiteit. Anarchisten, vegetariërs, theosofen, spiritisten, utopische kolonisten, feministen, strijders voor homorechten: de verschillende stemmen van linkse activisten tot ultrarechtse ‘trekvogels’ en reactionaire cultuurcritici vormden een verwarrend koor.

Jan J.B. Kuipers belicht de versplintering van het levensbeschouwelijke landschap in een periode die werd gekenmerkt door vaak extreme opvattingen. Hij laat de lezer kennismaken met de vaak grillige vertegenwoordigers van een onversneden individualisme.
'De culturele eigenaardigheden aan de flanken beschrijft Kuipers met mededogen en verwondering.'
Gerrit-Jan Kleinjan in Trouw/De Tijdgeest
en:

De vlucht naar boven

Tegenculturen in Nederland in de jaren zestig en zeventig

'De mens is niet om te lijden in de wieg gelegd,' schreef Simon Vinkenoog in 1967. Het tekent de mentaliteit van de toenmalige tegencultuur, een verbijsterend palet van activisme, bewustzijnsverruiming en spiritualiteit. Onmiddellijke ontsnapping aan de knellende banden van de maatschappij was het doel: een vlucht naar boven op de vleugels van idealen of drugs, of allebei. Jan J.B. Kuipers schetst de diverse bewegingen en figuren die de jaren zestig en zeventig tekenden, en vraagt zich af in hoeverre er sprake was van iets nieuws en waar al die zogenaamde vernieuwing in uitmondde.
"Wat een tijden! Waarnaar je gaat terugverlangen door Kuipers' boek."
Mario Molegraaf in Zeeland



woensdag 22 november 2023

Nieuwe editie 111 plekken in Zeeland

Onlangs verscheen bij Uitgeverij Thoth een herziene derde druk van 111 plekken in Zeeland die je gezien moet hebben. Naast al bekende plekken zijn weer veel nieuwe tips en nieuwe plekken toegevoegd.


Waarom? Daarom: Zeeland is meer dan strand, duinen, mosselrestaurants, folkloresport in klederdracht. Meer dan monumentale lijstgevels, middeleeuwse kerken, de deftigheid van buitenplaatsen in het groen. Wel eens aan de Rattekaai geweest? U beziggehouden met Zeeuwse struisvogelolie?

Zeeland is een dynamisch gebied met een meervoudige identiteit: eeuwenoud mondiaal handelsgewest én agrarisch arcadië. Dit boek voert langs 111 Zeeuwse plekken die u gezien moet hebben. Plekken die u voeren achter de sluier van de traditionele reisgids. Want Zeeland is méér:


• Wonderen in waterputten

• Vis uit de polder en vruchten uit zee

• Verzonken dorpen, bergen van aarde

• Boerenkost en bekroonde chefs

Trek erop uit met dit boek en geniet van de zilte smaak van een eilandenrijk…

Over de serie


De 111 PLEKKEN-boeken zijn de ideale gids om een specifieke stad of streek te ontdekken. Ze beschrijven steden en regio’s vanuit een eigenzinnig en persoonlijk perspectief, bieden de beste insidertips en slaan andere wegen in, weg van de toeristenpaden.

Met charme en humor worden buitenissige, merkwaardige en verrassende plekken beschreven en vertellen deskundige schrijvers spannende verhalen. De boeken hebben een overtuigend en helder grafisch concept en zijn inspirerend om te lezen. De bonte mengeling van onderhoudende verhalen, eigenwijze wetenswaardigheden en sfeerrijke foto’s nodigt zowel stads- en streekbewoners als toeristen uit om plekken te bezoeken die ze daarvoor nog niet kenden.

Jan J.B. Kuipers publiceerde meer dan tachtig boeken voor volwassenen en kinderen. Ook was hij stadsdichter van Middelburg. Een flink deel van zijn werk betreft zijn geboorteland: de provincie Zeeland in heden en verleden. Heleen Dekker werkte decennia in de zorg. Daarnaast houdt zij zich al vele jaren bezig met fotografie. Haar werk verscheen in tijdschriften en boekpublicaties.

In de media


Jan van Damme, PZC (bij een eerdere druk): “Eindelijk weer eens een geslaagd Zeelandreisboek. 111 plekken in Zeeland die je gezien moet hebben pretendeert áchter de reguliere reisgids te kruipen. Die pretentie wordt waargemaakt. Hulde.”

Prijs€ 17,95
TaalNederlands
BindwijzePaperback
Formaat13,5 x 20 cm
Omvang240 pagina’s
Illustraties120 illustraties in kleur
VerschenenNovember 2023 (3e herz. druk)
ISBN9789068686807

zaterdag 18 november 2023

Duister opvanghuis 'Welkom' belicht

Onlangs verschenen een paperback en een e-boekuitgave van Welkom in Welkom, waarin schrijver Jan J.B. Kuipers op zoek gaat naar misstanden en misbruik in de Nederlandse jeugdzorg, aan de hand van een berucht voorbeeld: het gesloten jongenshuis Welkom in Arnhem. 

Waarom verdwenen de meeste gegevens over dit in 1973 gesloten tehuis, dat volgens het eigen personeel 'erger was dan de ergste gevangenis'?

Het e-boek is hier beschikbaar, de uitgave als paperback is hier te vinden.


'Erger dan gevangenis'

In 2020 kwam er van overheidswege een beperkte financiële compensatie voor mensen die slachtoffer zijn geweest van geweld of seksueel misbruik in de jeugdzorg. Schrijver Jan J.B. Kuipers is een van hen. In 1971 werd hij plots afgevoerd naar het gesloten jongenshuis ‘Welkom’ in Arnhem, dat juist in die periode in opspraak was. ‘Erger dan de ergste gevangenis,’ oordeelde het eigen personeel. Kamervragen volgden. 

Voorplat van de paperback
De auteur gaat op zoek naar zijn eigen en de algemene historie van ‘Welkom’ en de gesloten jeugdzorg, waar de misstanden nog altijd voortwoekeren. 

Hij stuit op het fenomeen van verdwenen en weggemoffelde informatie, en van overheden en instellingen die naar elkaar verwijzen of niet reageren op pogingen tot contact. 

Tijdens zijn deels persoonlijke zoektocht richt hij ook een donker monumentje op voor een vrouwelijke kinderrechter in het Zeeuwse Middelburg.

Zie over 'Welkom' en dit project ook deze post.


Paperback: 66 pag., ISBN € 5,75
ISBN 979-8864833520





Misschien ook leuk:



De Nederlandse samenleving veranderde razendsnel aan het eind van de negentiende eeuw. Oude, vertrouwde waarden wankelden door een stroom aan nieuwe ideeën en levensstijlen. Alles moest anders: de inrichting van de maatschappij, de omgang met het lichaam en ook religie en spiritualiteit. Anarchisten, vegetariërs, theosofen, spiritisten, utopische kolonisten, feministen, strijders voor homorechten: de verschillende stemmen van linkse activisten tot ultrarechtse ‘trekvogels’ en reactionaire cultuurcritici vormden een verwarrend koor.

'Jan J.B. Kuipers belicht de versplintering van het levensbeschouwelijke landschap in een periode die werd gekenmerkt door vaak extreme opvattingen. Hij laat de lezer kennismaken met de vaak grillige vertegenwoordigers van een onversneden individualisme.'


Bij dit boek is een interessante PODCAST gemaakt, te downloaden via Podcast Hoog Tijd - Dwepers en dromers of in iTunes of Spotify (zoek op "Hoog Tijd")


'Kuipers heeft een boek geschreven waarin recht wordt gedaan aan al die idealistische strevers naar een betere wereld.'

Willem Huberts in Tijdschrift voor geschiedenis

zaterdag 23 september 2023

Het middel als doel

Schrijverswerkplaats met Jan J.B. Kuipers

Overgenomen van:

https://debaaierd.nl/actueel/2023/schrijverswerkplaats-met-jan-j-b-kuipers/

Tijdens de Schrijverswerkplaatsen van het Baaierdgilde ga je samen met andere Zeeuwse schrijvers aan de slag. Dat doe je onder leiding van een Gildemeester, een van de acht gevestigde schrijvers die, elk in hun eigen genre, één ultiem schrijversinzicht aanreiken. Met dit instrument in de hand kijk je opnieuw naar je eigen teksten én die van je collega’s.

De meester van dienst: Jan J.B. Kuipers


Een recent interview op fantasize (deel 1) is HIER te vinden

De man met de megafoon, oud-stadsdichter van Middelburg, redactielid van literair tijdschrift Ballustrada, schrijver van een duizelingwekkend aantal boeken. Van geschiedschrijving tot fantasy, proza, poëzie, thrillers, satire… Én essayistiek, dat illustere literaire genre waarin “het schrijven met al zijn technieken en trucs” niet “in dienst van iets anders staat,” aldus de meester. Nee, “in het essay is het schrijfproces het doel.”

Essayistiek: betoog noch poëzie

Geen trek om het zoeken zomaar op te geven en je te schikken naar een eenduidige conclusie? Pluis je graag al schrijvende uit wat je bevroedt, liever dan dat je een concrete vraag stelt en beantwoordt? Dan schrijf je waarschijnlijk slechte artikelen maar goede essays. Of, in de woorden van Jan J.B. Kuipers, in het essay gaat het om “een verrijking van het oorspronkelijke ‘waarom’, in plaats van een triomfantelijk ‘daarom’.” Tijdens deze Schrijverswerkplaats kijken we naar de balans tussen retoriek en waarheidsvinding, de eigenheid van het essay, de betekenis van zijpaden en toeval, en aantrekkelijke vormen van dat essentiële ingrediënt: subjectiviteit en zelfreflectie als deel van de beschreven zaak.

Schrijf je mee?

Schrijvers van alle niveaus kunnen meedoen. Ben je nog maar net begonnen? Schroom niet, de Werkplaatsen zijn een gezellige gelegenheid om je pen te trainen. Schrijf je al jaren, en zelfs met groot succes? Neem je ervaring mee, leer collega’s kennen, en wie weet leer ook jij wat nieuws bij.

Praktisch

Deze werkplaats gaat door op 26 oktober tussen 19.15u en 22.15u in boekhandel De Koperen Tuinkeizersdijk 16 in Goes. Je kunt je aanmelden tot en met 21 oktober, via joyce@debaaierd.nl.

Na bevestiging van je inschrijving ontvang je een filmpje waarin de meester van dienst zijn kernles, ofwel het ‘schrijfinstrument’, in een paar minuten uitlegt. We vragen je op basis daarvan een aanzet voor je essay (een inleiding of een fragment) te schrijven van max. 500 woorden.

Het aantal deelnemers is maximaal twaalf, op volgorde van inschrijving. Deelname kost in principe 10 euro. Heb je wat minder te besteden? Dan kun je kosteloos meedoen.

Kun je niet fysiek aanwezig zijn, maar wil je wel een graantje meepikken? Tijdens het eerste uur bespreken we het ‘schrijfinstrument’ van deze Schrijverswerkplaats. Je kunt bij dit eerste deel kosteloos aanschuiven via Zoom; aanmelden daarvoor kan tot en met 24 oktober.

Cementrustiek met een paddenstoel

Door de modder worstelen we ons een weg door een deel van het, ondanks het regelmatige vandalisme, leuke en hybride Kabouterbos van het land...